interview FD: Bouw vreest ontslaggolf door stikstofbeperkingen

26-10-2020 39 keer bekeken 0 reacties

Door stikstof komen er minder infrastructuurprojecten op de markt omdat vergunningen niet verleend kunnen worden. Bouw- en techniekbedrijven dreigen daardoor duizenden mensen te moeten ontslaan, terwijl sector zelf amper stikstof uitstoot.

Maxime Verhagen, Doekle Terpstra en Bernard Wientjes vinden dat landbouw, industrie en vervoer hun bijdrage moeten leveren om probleem op te lossen.

Politiek zou bindende afspraken moeten maken over stikstofreductie in 2030.


Bij bouwbedrijven dreigt een kaalslag doordat het Rijk er na anderhalf jaar nog steeds niet in is geslaagd om stikstofruimte voor nieuwe infrastructuurprojecten te creëren. Volgend jaar zullen de opdrachten daardoor opdrogen, te meer omdat lagere overheden inmiddels ook het mes zetten in wegenonderhoud en -aanleg vanwege de coronacrisis. 

Hiervoor waarschuwen voorzitter Maxime Verhagen van Bouwend Nederland, voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland en voorzitter Bernard Wientjes van de Bouwagenda. 'Ik noem geen namen van leden, maar de sociale plannen liggen klaar', zegt Verhagen. 'Er staan duizenden banen op de tocht. Het is een gotspe dat dit gebeurt juist nu de bouw een stimulans voor de economie kan zijn. Iedere euro die wordt besteed aan de bouw gaat drie keer rond in de economie.'

https://fd.nl/ondernemen/1361945/bouw-vreest-ontslaggolf-door-stikstofbeperkingen

 

'Bedrijven vechten voor hun bestaan'

De drie wijzen erop dat de bouw- en installatiesector essentieel is om de energietransitie van Nederland voor elkaar te krijgen en acht miljoen gebouwen te verduurzamen. Daar zijn investeringen, innovaties, automatisering van de productie en dalende kosten voor nodig, benadrukt Wientjes. 'Maar men is met een overlevingsgevecht bezig', stelt hij. 'Bedrijven vechten voor hun bestaan. Als het slecht gaat op de inframarkt wordt het voor grote bouwers en de sector lastig om te investeren in nieuwe dingen die morgen nog niets opleveren, maar die we als land keihard nodig hebben om de klimaatdoelen van Parijs te halen.'

Verhagen, Terpstra en Wientjes willen dat de politiek het tij keert. Dat zou moeten gebeuren bij de behandeling van de nieuwe stikstofwet die minister van Landbouw Carola Schouten naar het parlement heeft gestuurd. Daarin is ruimte gecreëerd voor kleinere woningbouwprojecten en er komt geld voor emissieloos materieel, maar voor infrastructuurprojecten is niets geregeld. Die lopen het risico geen vergunning te krijgen of vertraging op te lopen bij de Raad van State, de instelling die vorig jaar het Nederlandse stikstofbeleid afkeurde. Zo laat een uitspraak over de verlenging van de A15 bij Nijmegen al zo'n twee jaar op zich wachten, terwijl eind 2019 al een aannemer is gecontracteerd. 

'De bouw loopt als enige opdrachten mis, terwijl de sector slechts 0,6% van de stikstofuitstoot veroorzaakt. Dat is heel wrang', zegt Verhagen. 'Zelfs als wij volledig emissieloos werken, is geen enkel probleem opgelost. Dan liggen de stikstofwaardes in de natuur nog steeds te hoog voor een vergunning.' 

'Gegijzeld door agrarische sector'

Terpstra: 'De bouw- en technieksector wordt gegijzeld door de agrarische sector die voor bijna de helft van stikstofdepositie verantwoordelijk is. De verschillende kampen gaan hier dogmatisch mee om. Men neemt de consequentie voor lief dat de innovatiekracht van onze sectoren ernstige schade oploopt. Er is sprake van een groot maatschappelijk dilemma waar wij part noch deel aan hebben, maar waar wij onevenredig hard door worden geraakt.' 

Het kabinet moet met de andere sectoren concrete afspraken maken om de uitstoot in verkeer, industrie en landbouw te verlagen, zegt Verhagen. De commissie-Remkes, die het kabinet adviseerde over het stikstofprobleem, vond dat alle sectoren evenredig moesten bijdragen aan reductie van de stikstofdepositie. 'Bij het verkeer kan dat door oude diesels met een sloopregeling eerder van de weg te halen, of door de verplichte elektrificatie van het nieuwe wagenpark naar voren te halen van 2030 naar 2025.' 

Bindende afspraken met andere sectoren

Bij de landbouw kan volgens Verhagen gekeken worden naar de halvering van de uitstoot met luchtwasinstallaties en het verdunnen van mest met water waardoor minder ammoniak vrijkomt. 'Dan zeg ik dus nadrukkelijk een halvering van de uitstoot en niet een halvering van de veestapel. Gebruik de creativiteit van de sector en de denkkracht van de Universiteit Wageningen. En leg de afspraken tot reductie juridisch vast zodat iedereen er aan gehouden is.' 

Wientjes wijst erop dat die methode van bindende afspraken per sector ook is gebruikt bij het Klimaatakkoord. 'Nu wordt geprobeerd de kool en de geit te sparen, maar er moet duidelijkheid komen', vindt de oud-voorzitter van VNO-NCW. 'Ik ben buitengewoon bezorgd dat er een breuk ontstaat in de continuïteit van de installatiesector, de wegenbouw en de aannemerij waar wij vanwege de recessie, de verduurzaming en de energietransitie heel veel spijt van gaan krijgen.'

Terpstra vreest voor de concurrentiepositie van de Nederlandse technieksector. Die is volgens hem een van de koplopers op het vlak van technische systemen voor slimme infrastructuur en de energietransitie. 'Als de kennisontwikkeling wordt afgeremd, worden we ingehaald door andere landen. En dat is dan voor altijd, zo weten we uit het verleden.'

Opgedroogde pijplijn

Dat bouwers nu nog werken aan oude opdrachten, verhult dat de pijplijn voor de komende drie jaar is opgedroogd. Binnenkort wordt een aantal grote projecten afgerond, zoals de zeesluis in IJmuiden, en daar komt amper iets voor in de plaats. De snelheidsverlaging van 130 naar 100 kilometer per uur biedt qua stikstof onvoldoende soelaas om een aantal grote projecten, zoals fileknooppunt Hoevelaken, versneld aan te pakken.

Verhagen ziet het liefst dat het geld voor vertraagde projecten nu wordt ingezet voor onderhoud van wegen, bruggen, sluizen en voor lokale projecten die dreigen weg te vallen bij bezuinigende gemeentes. Dat moet ook voorkomen dat er mkb'ers uit de markt gedrukt worden als iedereen op de resterende projecten duikt. 

Daarnaast moet voor de verduurzaming volgens Wientjes jaarlijks een vast aantal woningen op de markt komen, onafhankelijk van de conjunctuur. 'Dan hebben bedrijven de zekerheid dat zij kunnen investeren.' Wientjes pleit voor een minister van Bouw en Infrastructuur in een volgend kabinet vanwege de opgave die er ligt qua woningbouw, ruimtelijke ordening en verduurzaming.

0  reacties

Cookie-instellingen