Wetenschap helpt renovatie écht in het zadel

July 03, 2019 849 keer bekeken 0 comments

Anderhalf jaar geleden nam De Bouwagenda het initiatief tot het ontwikkelen van de Renovatieversneller: een manier van aanbesteden die helpt om een aanzienlijk deel van de woningen uit de huursector versneld te verduurzamen.

De methode stelt corporaties in staat hun vraag te bundelen en daagt aanbieders uit gestandaardiseerde oplossingen te leveren. Het idee is gebaseerd op de ervaringen die zijn opgedaan bij de aanbestedingen voor Wind op Zee en verder doorontwikkeld in het kader van het Klimaatakkoord om toegepast te kunnen worden op de renovatieopgave. De proof of concept ligt inmiddels op tafel. We spreken projectleider Lisanne Havinga over het proces, de hiaten en de oplossingen.

Grondige rekenmodellen
‘De proof of concept bewijst dat we op de goede weg zijn, sterker nog: dit werk voor de Renovatieversneller blijkt veel waardevoller te zijn dan we op voorhand hadden ingeschat,’ aldus projectleider Lisanne Havinga van TU Eindhoven. ‘Ik denk dat we op korte termijn antwoord kunnen geven op de vraag die Diederik Samsom mij stelde in het kader van het Klimaatakkoord: als ik een warmtenet heb van vijftig graden, hoever moet ik mijn woning dan isoleren? Dit lijkt misschien een hele simpele vraag, maar wanneer je deze vraag moet beantwoorden voor alle woningen van Nederland, wordt het antwoord al complexer. Bovendien zal niet overal een warmtenet van vijftig graden komen, dus zal de vraag ook per wijk verschillen. Het is eigenlijk gek dat er in het Klimaatakkoord hele grote beslissingen zijn genomen zonder dit soort basale vragen te beantwoorden. Deze beslissingen lijken dan ook gebaseerd op aannames en niet op grondige rekenmodellen. Daar brengen we met de Renovatieversneller verandering in.’

Subsidie als innovatie-impuls
‘Aan de klimaattafel wordt geroepen dat we van duizend energierenovaties per jaar naar eenzelfde aantal per dág moeten. De markt echter, zegt iets anders. Vorige week kreeg ik tijdens een gesprek bij een van de grootste bouwbedrijven van Nederland te horen dat ze een uitbreiding van honderd woningen per jaar al een te groot risico vinden. Ze hebben geen vertrouwen dat die grote renovatiemarkt er wel echt gaat komen. Te hoge kosten en een te kleine markt lijken elkaar in stand te houden. Hier is overheidsbemoeienis echt onmisbaar. De overheid moet de corporaties voldoende ondersteunen en de markt stimuleren om écht te innoveren. Wanneer corporaties ieder voor zich renovaties gaan uitvoeren, zal dit binnen de huidige krappe bouwmarkt eerder tot hogere kosten leiden dan tot de broodnodige kostenreductie. Wanneer de corporaties voorspelbaar, gestructureerd en gebundeld woningrenovaties naar de markt brengen, kan die zich inrichten op innovatie, standaardisatie en kostenreductie. We willen al tientallen jaren meer woningen verduurzamen, maar het komt niet van de grond. Tijd voor actie!’

Aannames versus analyses
‘Om klimaatdoelstellingen te halen moeten vanaf nu tot 2050 gemiddeld 200.000 vergaande woningrenovaties per jaar plaatsvinden. Ter vergelijking: de nieuwbouwmarkt realiseert 66.000 woningen per jaar. De renovatiemarkt zou in theorie dus al groter moeten zijn, maar is daar nog lang niet. Initiatieven als Stroomversnelling werken daarbij ook niet zoals verwacht. Het dogma van Stroomversnelling was nul-op-de-meter. Dit is vertaald naar vergaande isolatie waarbij de isolatiewaarde soms zelfs tweemaal zo hoog is als die van huidige nieuwbouwwoningen. Gevolg: renoveren lijkt volgens deze methode zowel extreem duur als overdadig. Het gevolg is dat iedereen denkt dat energierenovatie onbetaalbaar is, een pertinent verkeerde gedachte. Wat ons betreft is NOM niet de eis. Er is niets mis met het afnemen van een klein beetje elektriciteit van het net. Het optimum moet bepaald worden op basis van kwaliteit, comfort en kosten.’

Proof of concept
‘Kortom, er is een betere beslissingsgrondslag nodig. We moeten genoeg isoleren om van het gas af te kunnen, eisen wat betreft verwarming in de winter en koeling in de zomer meenemen én rekening houden met de belasting van het elektriciteitsnet. Het optimum verschilt per woning en per duurzame warmtebron. Aan ons de taak om de balans te zoeken tussen specifieke optimale oplossingen én bredere uitrolbaarheid. De recente proof of concept toont aan dat het mogelijk is. De uitdaging was om een manier te ontwikkelen om de grote variatie van woningen weer te geven in simulatiemodellen en te kijken welke invloed de variatie heeft op het kiezen van een optimale renovatiestrategie. Er zijn bijna tweeduizend woningvarianten uit de periode 1965-1974 en een veertigtal mogelijke renovatie-oplossingen gesimuleerd. De voorlopige resultaten laten zien dat de woningvariatie resulteert in een groot verschil tussen de woningen als het gaat om warmtevraag en de benodigde isolatie. Daarnaast suggereren de resultaten dat bij het merendeel van deze woningen minder vergaande isolatie nodig is dan bij NOM-concepten, bijvoorbeeld geen buitenisolatie van de muren.’

Renovatieoplossing op maat
‘Dit betekent niet dat we er al zijn. Daarvoor moet dit vooronderzoek gevolg krijgen en uitgebreid worden. In de simulaties zijn lang niet alle variabelen meegenomen. Serres, kruipruimtes en de diepte van spouwen zijn bijvoorbeeld nog buiten beschouwing gelaten. Ik merk dat de complexiteit van deze opgave lang niet altijd wordt begrepen. Men gaat ervan uit dat woningen uit dezelfde bouwperiode bouwfysisch identiek zijn, maar dat is absoluut niet het geval. Er is geen sprake van one-size-fits-all. Om op grote schaal te kunnen renoveren is gedegen woningclassificatie onmisbaar. Welke woning kan in welk mandje? De overheid wil het aan de markt overlaten, maar daar gaat nogal eens wat mis. Er zijn genoeg cowboys die een website met een simpel modelletje eronder online zetten. Deze websites werken niet met realistische bewonersprofielen, doen geen comfortberekeningen en houden geen rekening met mogelijke overbelasting van het elektriciteitsnet. Deze modellen berekenen meestal niet eens of je de woning wel of niet warm kunt krijgen in de winter met de gekozen warmtebron. Bovendien wordt de woning zelf vaak versimpeld tot een gemiddeld type. Kortom, de output is basaal en resulteert niet zelden in een slecht advies. Wij werken aan een adviesinstrument dat wél werkt. Aan een tool waarin we zelfs innovatiecriteria kunnen toevoegen. Wanneer een corporatie circulariteit een belangrijk thema vindt of streeft naar gebruik van slimme installaties, kunnen we deze betreffende prestatie-indicatoren toevoegen. Zo kom je tot een renovatieoplossing op maat. Bovendien kunnen we met deze tool Diederik Samson ook eindelijk een gefundeerd antwoord geven op zijn vraag. Dat is het fijne aan de wetenschap: hoe ingewikkeld zaken ook zijn, je kunt het gewoon berekenen.’

Ook voor particulieren
‘De vraag van Samsom speelt ook bij particulieren. Veel Nederlanders willen weten hoe ze hun woning op de meest voordelige manier optimaal kunnen verduurzamen. Die vraag kunnen we op termijn prima beantwoorden met het adviesinstrument. Er heersen op dit moment heel veel aannames en mythen over de verduurzaming van woningen. Er zijn heel veel online adviezen te verkrijgen, veelal gebaseerd op veel te simpele berekeningen. De overheid kan de burger voorzien van een betrouwbaar en onafhankelijk advies, wat bij kan dragen aan zowel de acceptatie als de versnelling van de verduurzamingsopgave.’

 

0  Comments